Sinds 2020 zit Brenda de Jong in het bestuur van het Foppe Fonds. In haar dagelijks werk is ze fysiotherapeut en bewegingswetenschapper. Ze ziet wat bewegen met mensen doet, maar ook wat er gebeurt wanneer bewegen niet vanzelfsprekend is.
Brenda kwam bij het fonds terecht via haar praktijk. De toenmalige voorzitter van het Foppe Fonds lag bij haar op de behandeltafel en vroeg of een bestuursfunctie iets voor haar zou zijn. Dat gesprek bracht haar aan het denken en niet veel later schoof ze aan bij het bestuur. “In het begin dacht ik dat ik wel wist wat het fonds deed, maar pas toen ik zelf de aanvragen begon te lezen, merkte ik hoeveel er achter elke aanvraag schuilgaat.”
Achter elke aanvraag zit meer
Binnen het bestuur houdt Brenda zich vooral bezig met de aanvragen. Ze leest ze zorgvuldig door, zoekt waar nodig aanvullende informatie uit en schrijft een preadvies, waarna het bestuur samen beslist. Daarbij kijkt ze niet alleen naar wat er wordt gevraagd, maar vooral naar het verhaal erachter.
“Je ziet wat ouders allemaal al hebben geprobeerd en geregeld. Vaak is er al zoveel gedaan voordat iemand bij ons aanklopt.”
In haar werk ziet ze dagelijks hoe groot de impact is van een beperking op een gezin. Aanpassingen in huis, hulpmiddelen en extra zorg. Het vraagt veel, ook financieel. Sport kan dan soms op de achtergrond belanden, terwijl het juist zoveel kan betekenen.
Ze herinnert zich een aanvraag van een jongen die zelf nauwelijks kon bewegen. Zijn ouders vroegen een aangepaste buggy met grotere wielen aan, zodat ze met hem het bos in konden. Voor hem was dat zijn manier van bewegen, van buiten zijn en even in een andere omgeving zijn.
“Dat soort aanvragen laten zien dat sport niet altijd in een sporthal plaatsvindt,” zegt ze. “Soms is het gewoon samen naar buiten kunnen.”
Wat sport kan doen
Wat haar raakt, zijn de reacties die later binnenkomen. Ouders die laten weten wat de ondersteuning heeft betekend. “Er was een meisje dat dankzij het paardrijden weer meer durft te praten, meer onder de mensen kwam en zich zekerder voelde. Dan zie je ineens hoeveel sport kan betekenen,” vertelt Brenda. “Het gaat niet alleen om bewegen. Het gaat om ergens bij horen, om mee kunnen doen.”
Dat meedoen maakt volgens haar het verschil. Kinderen die niet overal vanzelfsprekend aan kunnen sluiten, vinden via sport soms juist een plek waar ze wel onderdeel zijn van een groep. Dat zie je terug in hun houding en in hun zelfvertrouwen.
Het verschil dat je samen maakt
Brenda is trots op wat het bestuur samen doet. Naast hun werk en gezin maken ze tijd vrij om aanvragen zorgvuldig te beoordelen en om het fonds zichtbaar te houden. Ze ziet hoe groot de behoefte is en hoe vaak het fonds net dat laatste zetje kan geven wanneer andere regelingen tekortschieten.
“Soms lees je iets waarvan je denkt: dit zou toch eigenlijk vanzelfsprekend moeten zijn, maar uiteindelijk komt het toch bij ons terecht, zodat we extra ondersteuning kunnen geven. Dat we dan kunnen helpen, dat voelt goed.”
Voor de toekomst hoopt ze dat het Foppe Fonds nog bekender wordt, zodat gezinnen de weg makkelijker weten te vinden en zodat het mogelijk blijft om aanvragen toe te kennen.
Blijf de kinderen zien
Voor Brenda draait het uiteindelijk om één ding: de kinderen blijven zien. “Voor hen is sport geen luxe, maar een kans om sterker te worden, plezier te maken en mee te kunnen doen.”
En zolang die aanvragen blijven binnenkomen, blijft Brenda zich daar met overtuiging voor inzetten.