Waar het allemaal mee begon: twee broers, één sportdroom

Hendrik Hofstra weet er alles van. Zijn verhaal – en daarmee het verhaal van Foppe Fonds – begint in 2005. Samen met zijn tweelingbroer Pieter zat hij op rolstoelhockey. Een sport waar ze veel plezier aan beleefden, maar waarvoor hun rolstoelen eigenlijk niet geschikt waren.

“Dat waren eigenlijk gewoon onze dagelijkse stoelen,” legt Hendrik uit. “Die waren helemaal niet gemaakt om te sporten.” De motoren werden te warm, de stoel viel stil, en dan moesten ze wachten tot de stoel weer was afgekoeld. “Dat was niet leuk. Dan kon je ineens niet meer meedoen.”

Op zoek naar een sportrolstoel

Voor Hendrik en Pieter was het dan ook een logische stap om te gaan zoeken naar sportrolstoelen. Via de gemeente kwamen ze in contact met een man die hen zou helpen bij het regelen van de benodigde hulpmiddelen. “Wij kregen zo’n €10.000 via de gemeente, maar daar moest dan nog zo’n €5.000 tot €6.000 bij via sponsoring,” legt Hendrik uit. “Die man zou ons daarbij helpen, maar hij is er uiteindelijk met al het geld vandoor gegaan. Niet alleen bij ons, maar bij heel veel mensen in Nederland.”

De situatie trok een zware wissel op het gezin. “Je voelt je machteloos. Je denkt: wat nu? We konden niet nóg eens naar de gemeente stappen, want er gold een afschrijvingstermijn van vijf jaar.’’

Een ontmoeting met gevolgen

De ommekeer kwam onverwacht, op school. “Pieter en ik kwamen Foppe de Haan tegen op de gang van School Lyndensteyn in Beetsterzwaag,” vertelt Hendrik. “Hij was daar vanwege een Sinterklaasfeest, als trainer van de Zwarte Pieten. Hij kende ons nog van sc Heerenveen.’’

Ze raakten aan de praat en vertelden over wat hen was overkomen. “Dat raakte hem,” zegt Hendrik. “Later zei hij: ‘Dit kan toch niet. Je kunt toch geen geld stelen van mensen met een beperking?’”

Twee weken later gaat thuis de telefoon, vertelt Hendrik: “Mijn moeder nam op en hoorde: ‘Met Foppe de Haan.’ Ze viel even stil. Wat bedoelt Foppe nou? dacht ze. Toen zei hij: ‘Ik heb een sportrolstoel voor jullie geregeld.’ Mijn moeder antwoordde: ‘Maar Foppe, ik heb twee zonen die in een rolstoel sporten.’ Hij zei: ‘Bel me over een uurtje nog eens.’ Toen ze terugbelde, hoorde ze dat hij er meteen twee had geregeld. Dat vergeet je nooit meer.”

Het begin van iets groots

Die daad van Foppe bleek het begin van iets veel groters. Hij realiseerde zich: “Als ik zo makkelijk aan die rolstoelen kan komen, dan moeten er meer mensen geholpen kunnen worden.” En zo is het Foppe Fonds ontstaan.

Hendrik en Pieter waren de eersten die via het fonds een sportrolstoel ontvingen. Daarna ging het snel. “Ik weet nog dat er een paar jaar later een actie was voor 100 sportrolstoelen. Toen dacht ik echt: wow, dit is groot geworden.”

Stoppen met hockey

Het duo bleef jarenlang spelen, maar rond 2009 kwam er een einde aan. ‘’Pieter kreeg het lichamelijk zwaarder en ik kreeg andere hobby’s. Hij stond steeds vaker aan de kant. Dan rijd je tweeënhalf uur naar een toernooi en speelt hij drie minuten. Hierdoor verloren we het plezier, dus besloten we samen te stoppen.’’

Dankbaar

Hoewel Hendrik nu geen actieve rol meer heeft binnen het fonds, blijft hij trots. “Ik vind het geweldig dat het zo goed loopt. Het is bijzonder dat het allemaal bij ons begonnen is.’’ En Foppe? Die vergeet hij niet. ‘’Als ik hem nog ergens tegenkom, maakt hij altijd een praatje. Dan zegt hij: ‘’Daar begon het mee, met jullie.’’

Wat Hendrik hoopt? ‘’Dat mensen weten dat Foppe Fonds er is. Dat ze hulp kunnen krijgen. Er is soms maar één iemand nodig om zoiets moois in gang te zetten. Want zonder Foppe hadden wij nooit kunnen hockeyen.’’

Volg ons op social media